|
Geschiedenis |
|
Het territorium van het huidige Nieuw-Dijk bestond tot 1720 bijna geheel uit eiken- en beukenbossen. Toen de bevolking ging toenemen verdween er steeds meer bos doordat de mensen eenvoudig de bomen gingen kappen en een stukje grond in eigen bezit namen waarop ze dan hun hutten bouwden. Ten oosten van de Holthuizensestraat stond maar één boerderij en wel de Geulenkamp. Ten westen van de Bosstraat stonden voor 1720 al een aantal boerderijen waaronder de Klauwes Hofstee.
Het kadastrale plan 1830. Prehistorie. In 1957 vonden enkele Nieuw-dijkse jongens bij het graven van een sloot stenen krabbertjes en afvalstukken vuursteen. Ze leverden uiteindelijk het bewijs dat er in de omgeving van de Koningsweg op de grens tussen Nieuw-Dijk en Beek omstreek 2500 jaar voor Christus een nederzetting is geweest. Tekening van bijlen: Rond 1835 telde het gebied dat nu Nieuw-Dijk heet zo’n 95 huizen. Daarvan stonden er 28 tussen de Landeweer en de tegenwoordige Bijvankweg. Vandaar tot aan de Koningsweg en de Beekseweg waren het er 42. Vanaf de Beekseweg tot op het Friesland stonden ongeveer 25 huizen (de spoorlijn lag er nog niet). In 1890 waren er geen wegen van betekenis in Nieuw-Dijk, laat staan motorvoertuigen! Rond 1910 was het totale aantal woningen verdubbeld. In 1947 telde Nieuw-Dijk 255 huizen.
De parochie Dijk. Rond 1900 konden de mensen uit alle buurtschappen alleen in Didam terecht om naar de kerk te gaan. In die tijd werden Loil en Dijk nieuwe parochies en in beide buurtschappen werd gelijktijdig een kerk gebouwd. In 1909 waren de plannen klaar voor een nieuwe parochie Dijk en de bouw van een eigen kerk. Aan de Smallestraat bezat Toon Raben een stuk grond die hij besloot te schenken aan de nieuwe parochie. Het bouwterrein aan de Smallestraat was per 1 mei 1910 beschikbaar en daarmee konden de werkzaamheden beginnen. Wel moest er ongeveer 4000 kub zand door de parochianen met paard en wagen over zeer drassige wegen worden aangevoerd.
Op 27 september 1910 werd de eerste steen van de St. Antoniuskerk gelegd. Op 28 mei 1911 werd het kerkgebouw
door Pastoor Reuvekamp uit Didam ingezegend. De parochie Dijk kreeg in 1911 een populaire volksheilige tot patroon: Antonius van Padua (1195-1231). De wereld kent en vereert hem als de grote wonderdoener. De in Lissabon geboren prediker toonde bij zijn optreden vooral gevoel voor de noden van het gewone volk.
De buurtschap Nieuw-Dijk. Kort nadat in 1920 de parochie Dijk als de zelfstandige buurtschap Nieuw-Dijk aan de reeds bestaande Didamse buurtschappen was toegevoegd, volgde de oprichting van de belangrijkste verenigingen. Er kwam een voetbalclub, een muziekvereniging en een schutterij. Deze drie zijn de pijlers gebleven van het Nieuw-Dijkse gemeenschapsleven. Ook onderling waren zij elkaar steeds tot steun en gezamenlijk hebben zij in de loop der jaren de zorg gedragen voor tal van evenementen. Initiatieven vanuit deze verenigingen hebben weer geleid tot het ontstaan van andere instellingen. Met recht kunnen zij daarom “de grote drie” worden genoemd.
De
Dieckse school
Op 6 november 1916 kon de Diekse school in gebruik genomen met aan het hoofd meester de Ponti. Midden jaren twintig veranderde de naam in Antoniusschool. In 1935 werd daar rooms-katholiek aan toegevoegd.
In 1968 werd de “nieuwe St. Antoniusschool” in gebruik genomen.
Wegen en verkeer. Rond 1835 telde het gebied dat nu Nieuw-Dijk heet zo’n 95 huizen. Daarvan stonden er 28 tussen de Landeweer en de tegenwoordige Bijvankweg. Vandaar tot aan de Koningsweg en de Beekseweg waren het er 42. Vanaf de Beekseweg tot op het Friesland stonden ongeveer 25 huizen (de spoorlijn lag er nog niet).
In 1890 waren er geen wegen van betekenis in Nieuw-Dijk, laat staan motorvoertuigen! De wegen waren slecht begaanbaar, erg modderig en met veel kuilen. Doordat de verbindingen slecht waren, waren de mensen op hun naaste buren aangewezen. De zogenaamde burenplicht was algemeen. Hierdoor ontstond een hechte band tussen de buren. Daarentegen hadden de bewoners van de ene hoek van Nieuw-Dijk weinig contact met de bewoners van de andere hoek van de parochie. De voertuigen waar de mensen zich mee moesten behelpen waren vooral de hondekarren en daarnaast de kruiwagen. Later kwamen er paard en wagen bij die diepe karresporen veroorzaakten in de modderwegen.
Met de bouw van de kerk in 1910 werd
de Smallestraat het middelpunt van Nieuw-Dijk.
De kern van Nieuw-Dijk rond 1962. |
U kunt een e-mailbericht met vragen of opmerkingen over deze website verzenden aan webmaster@nieuw-dijk.nl.Laatst bijgewerkt: 27 oktober 2011 |